laatste update: maart 2017

De nieuwe boekhoudregels voor leasing: IFRS16

Wat gaat er veranderen met de nieuwe IFRS16 boekhoudregels voor leasing?

De algemene gedachte van de regelgevers IASB en FASB is dat alle leases bij de lessee op de balans zouden moeten staan. Dus ook operationele leases.

 

Met name de IASB is erg gefocust op de balans en redeneert dat aangegane verplichtingen voor leasecontracten altijd als passiefpost op de balans moeten worden getoond. De IASB is immers van mening dat alle leases de facto financieringsmiddelen zijn voor het gebruik en eventuele verwerving van een object. Tegenover deze verplichting moet uiteraard een actief-post worden getoond om de balans in evenwicht te houden: hiertoe is conceptueel het recht van gebruik (Right of Use) bedacht. Boekhoudkundige verwerking zou voor alle leases zich dan voltrekken zoals nu bij de Boekhoudkundige verwerking van financial leasecontracten, zij het dat de eerste waardering nu alleen de contante waarde van de contractuele leasetermijnen is. Dat betekent dat een eventuele restwaarde (waarde bij einde leasecontract, denk aan een auto na 4 jaar) niet op de balans wordt getoond, aangezien de restwaarde per definitie niet betaald wordt in het totaal van de leasetermijnen.

 

Bij een ‘financiering’ hoort natuurlijk een rentecomponent in de resultatenrekening. Dus waar de operationele leases voorheen in één post werden getoond als kostenpost, wordt de leasetermijn straks opgedeeld in een afschrijvingsdeel en een rentedeel, berekend op basis van annuïteiten. Hierdoor wijken de berekende kosten voor leasing af van de werkelijke uitgaven. Immers de renteberekening is op dag 1 op het volle uitstaand leningsbedrag en daalt naarmate de lening terugbetaald wordt. In de werkelijkheid betaalt de lessee elke maand hetzelfde bedrag aan de leasemaatschappij. De boekhoudkundig berekende kosten zijn dus niet gelijk aan de werkelijke kosten. Dit is één van de redenen waarom de nieuwe IFRS16 regels als minder transparant worden beschoud.